04-07-07

Sterkere samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland loont.

Sterkere samenwerking tussen Vlaanderen en Nederland loont

Nieuwe visie op de samenwerking met Nederland

Publicatie: 3 juli 2007

Ben Weyts - Kabinetschef Algemeen Beleid - Woordvoerder minister Bourgeois

Kabinet van de Vlaamse minister van Bestuurszaken, Buitenlands Beleid, Media en Toerisme - 1 juli 2007


Vlaams minister van Buitenlands Beleid Geert Bourgeois reageert verheugd op de aanbevelingen van het Nederlands Ruimtelijk Planbureau inzake de relatie Vlaanderen-Nederland. In een nieuw rapport bestudeerde het adviesorgaan de soms problematische samenwerking rond grensoverschrijdende infrastructuurprojecten.

Net zoals Bourgeois al eerder bepleitte, concludeert het Planbureau dat Vlaanderen en Nederland moeten focussen op hun gemeenschappelijke belangen, in plaats van op de enge, eigen 'nationale' belangen. Beiden kunnen groot voordeel halen bij een zo intens mogelijke samenwerking, gebaseerd op zeer nauwe ambtelijke en politieke contacten. Met het oog op de regeringsonderhandelingen vraagt Bourgeois dat ook op federaal vlak, een nieuwe visie op de samenwerking met Nederland zou worden ontwikkeld.

Aanleiding tot het onderzoek van het Nederlands Ruimtelijk Planbureau, vormden de problemen die vooral binnen het Nederlands parlement opduiken als daar projecten ter sprake komen die voor Vlaanderen van vitaal strategisch belang zijn. Het meest voor de hand liggende voorbeeld zijn de Scheldeverdragen, die in de loop van dit jaar ook in Nederland zouden geratificeerd worden. Veel gevoeliger nog blijven de spoordossiers: de IJzeren Rijn en de HSL tussen Amsterdam en Brussel.

De onderzoekers hebben het in alle drie de gevallen over "Grensoverschrijdende projecten in Vlaanderen en Nederland", terwijl het spoor in België in hoofdzaak nog een federale materie is.
Opvallend is alleszins dat volgens de Nederlandse onderzoekers de Vlaams-Nederlandse samenwerking in de Scheldedossiers bijzonder gunstig afsteekt tegenover de traditionele manier waarop er met de twee Belgisch-Nederlandse spoordossiers werd omgesprongen.
Het verschil zit in de gevolgde methode en in de visie van waaruit die is opgebouwd. De twee spoordossiers zijn op de klassieke wijze aangepakt. De besluitvorming en de opvolging vond plaats "en petit comité". Beide landen hadden alleen oog voor de eigen, nationale belangen. Zo ondergaat Nederland nog altijd de IJzeren Rijn alleen maar omdat het Internationaal Arbitragehof in 2005 het Belgische recht op doorpad nogmaals uitdrukkelijk bevestigde.

De manier waarop het Scheldedossier werd aangepakt, heeft er daarentegen voor gezorgd dat er in beide landen politiek-ambtelijk een breed draagvlak is gegroeid. De beide overheden hadden ook oog voor het maatschappelijk draagvlak aan weerszijde van de grens.
Het voortdurende overleg en het wederzijdse begrip dat er tussen ambtenaren en bewindslieden groeide, zorgen er voor dat er maximaal aandacht gaat naar een evenwichtige aanpak van álle belangen die in het geding zijn.

De verruiming van de Schelde ten behoeve van de haven van Antwerpen is ingebed in een brede langetermijnvisie voor het volledige Schelde-estuarium, waarbij de enorme economische belangen in het oog worden gehouden, maar er ook aandacht is voor veiligheid tegen overstromingen en voor de natuurlijkheid van de rivier. Bovendien zijn de meeste betrokken spelers gaan inzien hoe groot de wederzijdse afhankelijkheid is van met name het zuiden van Nederland en de belendende Vlaamse regio's.

Minister Bourgeois is ervan overtuigd dat deze studie de weg uittekent die Vlaanderen en Nederland ook op andere terreinen moeten gaan. Het werkstuk van het Ruimtelijk Planbureau bevestigt de visie van de Strategienota Nederland, die de Vlaamse regering eind 2005 goedkeurde: Vlaanderen en Nederland kunnen beide serieus hun voordeel doen bij een zo intens mogelijke samenwerking, gebaseerd op zeer nauwe ambtelijke en politieke contacten, waarbij elke partij oog heeft en begrip opbrengt voor de belangen van het partnerland, en waarbij we vertrekken vanuit duidelijke afspraken.
Onze bevolkingen kunnen daar alleen voordelen uit halen.

Kabinet van de Vlaamse minister van Bestuurszaken, Buitenlands Beleid, Media en Toerisme
Alhambra-gebouw, 7de verd.
Emile Jacqmainlaan 20
1000 Brussel
Tel. 02/552.70.39
Fax 02/552.70.81
persdienst.bourgeois@vlaanderen.be

19:56 Gepost door Stef in Algemeen | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |